-
Title
-
Letter to H. van Beek
-
Date
-
1950
-
Date in document
-
yes
-
Formulas or calculations
-
no
-
Inventory number
-
NL-RtEUR_TBCOR01_013B040
-
2292
-
Storage location
-
Specifiek Magazijn
-
Filename
-
CDM2292_NL-RtEUR_TBCOR01_013B040.pdf
-
Provenance
-
Jan Tinbergen
-
Accrual Method
-
donation
-
Rights
-
-
Revised transcript
-
ne
PROFESSOR DR J. TINBERGEN DEN HAAG, 15 Februari 1950
De Heer H. van Beek, Mecklenburgplein 9, Rotterdam.
Zeer geachte Heer Van Beek,
Voor Uw uitvoerige brief van 11 Februari dank ik U zeer. Ik veroorloof mij nog een enkele kanttekening op Uw betoog.
Ik ben zo vrij met U van mening te verschillen omtrent de invloed van de devaluatie op de prijzen. De prijzen van onze nationale producten zijn ook na 1936 nog geruime tijd relatief goedkoop gebleven t.o.v. het buitenland.
Wat het dollar-vraagstuk betreft heb ik gesteld, dat indien de betalingsbalansen van alle niet-Amerikaanse landen in evenwicht zouden zijn, het dollar-vraagstuk automatisch zou zijn opgelost. Ofschoon dit een tautologie is, blijkt daaruit toch duidelijk, dat indien alle landen alleen hun eigen betalingsbalans in evenwicht brengen, zij hun plicht hebben gedaan. Het moeilijkste lijkt mij dit voor de Engelsen. In de uiteindelijke situatie behoeft er geen evenwicht te bestaan tussen in- en uitvoer van Europa uit, resp. naar Amerika. Er zal ook dan een zeker driehoeksverkeer met Zuid-Amerika en het Verre Oosten blijven bestaan. Ik mag ter nadere uitwerking verwijzen naar mijn prae-advies voor de Vereniging voor Staathuishoudkunde en de Statistiek (1949). Uw voorbeeld betreffende de tabak is van veel belang en demonstreert waarom van Nederlandse zijde tegenover België steeds wordt aangedrongen op het volgen van dezelfde dollarpolitiek als de onze.
Wat het budget betreft mogen wij toch opmerken dat er sedert 1945 een belangrijke daling van het tekort heeft plaats gevonden. Daarom wanhoop ik er niet aan dat de verdere noodzakelijke daling zal worden verkregen, al heeft natuurlijk de devaluatie dit proces opgehouden. Daartegenover staat wel weer dat de devaluatie ook automatisch de rijksinkomsten zullen doen stijgen.
PROFESSOR DR J. TINBERGEN 2.
Ook mij lijkt het waarschijnlijk dat een zekere verlichting van belastingdruk op de hogere inkomens nodig zal zijn. Toch zal men zich daarbij niet moeten voorstellen dat de oude tijd terugkeert. Er zal een belangrijker gedeelte van de kapitaalvorming plaats vinden in de bedrijven en in de verzekerings- en pensioenfondsen, welke laatste wij bij de financiering van onze investeringen moeten inschakelen. Vooralsnog zijn er geen bewijzen dat er in 1948 en 1949 financieringsmoeilijkheden zijn opgetreden.
Met belangstelling nam ik van Uw mening kennis dat U een verdere prijsdaling verwacht, al moet men zich hierbij hoeden voor analogie met het verleden. De bescherming van de boeren en de internationale samenwerking op dit terrein staan op het ogenblik alweer vaster in hun schoenen dan in 1930. Toch kan ik mij indenken dat U in dit opzicht gelijk hebt.
U nogmaals gaarne dankend voor Uw belangwekkende uiteenzetting ben ik, hoogachtend,
-
en
PROFESSOR DR J. TINBERGEN THE HAGUE, 15 February 1950
Mr. H. van Beek, Mecklenburgplein 9, Rotterdam.
Dear Mr. Van Beek,
Thank you very much for your detailed letter of February 11. I take the liberty of making a few additional remarks on your argument.
I take the liberty of disagreeing with you regarding the influence of devaluation on prices. The prices of our national products remained relatively cheap compared to foreign countries for a considerable time even after 1936.
Regarding the dollar issue, I have stated that if the balances of payments of all non-American countries were in equilibrium, the dollar issue would automatically be solved. Although this is a tautology, it clearly shows that if all countries only bring their own balance of payments into equilibrium, they have done their duty. This seems most difficult to me for the English. In the final situation, there does not need to be an equilibrium between imports and exports from Europe to, or from, America. Even then, a certain triangular trade with South America and the Far East will continue to exist. For further elaboration, I may refer to my preliminary report for the Association for Political Economy and Statistics (1949). Your example regarding tobacco is of great importance and demonstrates why the Dutch side constantly urges Belgium to follow the same dollar policy as ours.
Regarding the budget, we may note that a significant decrease in the deficit has taken place since 1945. Therefore, I do not despair that the further necessary decrease will be achieved, although devaluation has naturally delayed this process. On the other hand, devaluation will also automatically cause state revenues to rise.
PROFESSOR DR J. TINBERGEN 2.
It also seems likely to me that a certain relief of the tax burden on higher incomes will be necessary. However, one should not imagine that the old times will return. A more significant part of capital formation will take place within companies and in insurance and pension funds, the latter of which we must involve in the financing of our investments. For the time being, there is no evidence that financing difficulties occurred in 1948 and 1949.
I noted with interest your opinion that you expect a further price drop, although one must be careful here about analogies with the past. The protection of farmers and international cooperation in this field are currently more firmly established than in 1930. Nevertheless, I can imagine that you are right in this respect.
Thanking you once again for your interesting explanation, I remain, sincerely,