-
Title
-
Letter to H.J. Selling
-
Recipient
-
Selling, H.J.
-
Date
-
1978
-
Date in document
-
yes
-
Formulas or calculations
-
no
-
Inventory number
-
NL-RtEUR_TBCOR_B.6.21-2
-
166
-
Storage location
-
Specifiek Magazijn
-
Filename
-
CDM166_NL-RtEUR_TBCOR_B.6.21-2.pdf
-
Provenance
-
Jan Tinbergen
-
Accrual Method
-
donation
-
Revised transcript
-
ne
20 februari 1978
De heer Dr. H.J. Selling,
Vezelinstituut TNO,
Postbus 110,
Delft
Uw kenmerk: D 288 Se/MK
9 februari 1978
Zeer geachte Heer Selling,
Voor de toezending van Uw lezing "The Mather Lecture 1977" dank ik U zeer. Zoals verondersteld ben ik het met sommige van de door U weergegeven standpunten niet eens. Ik kom daarop hieronder nog terug. Niettemin is het voor mij zeer nuttig geweest van Uw uiteenzetting kennis te nemen.
Ik ben het eens met de opvatting dat Oost-Europese landen oneerlijke concurrentie kunnen plegen omdat zij de prijzen zó stellen om hun overschotten te kunnen exporteren. Daartegenover meen ik dat de concurrentie van landen met lage lonen niet oneerlijk is voor zover de prijzen daar normaal berekend worden. Dat is het normale verschijnsel dat tot een zekere internationale arbeidsverdeling leidt.
Dat de distributiekosten hoog zijn geldt in het algemeen voor duurzame goederen waarbij de detaillist vaak een grote keuze moet bieden en waarbij het keuzeproces tijd kost. Ze zijn ook hoog voor bederfelijke goederen zoals groente en fruit, waarbij vaak een deel van de voorraad niet kan worden verkocht. Een en ander belet echter niet dat de consument voor aanmerkelijk lagere prijzen b.v. overhemden uit het Verre Oosten kan kopen.
Oneens ben ik het inderdaad met de opvatting dat industrieën niet verplaatst zouden moeten worden. Dit is m.i. een natuurlijk verschijnsel. We zien het bij de scheepsbouw heel sterk, maar we zien het b.v. ook bij de opdrachten voor drukwerk waar de internationale concurrentie sterk medebepalend is voor de plaats waar een boek gedrukt wordt.
Ook voor research geldt m.i. dat deze daarop betrekking moet hebben waarvoor het rendement het grootst is. Ik vraag me b.v. af in hoeverre de mechanisatie en automatie van de weefindustrie wel zo hoog op de prioriteitenlijst staan als een aantal andere mogelijke researchonderwerpen die een groter rendement van de research zouden kunnen doen verwachten. U noemt er zelf enige, b.v. de research tot verhoging van de duurzaamheid van bepaalde produkten en, om te eindigen met mijn stokpaardje, sommige textielbedrijven hebben hun problemen opgelost door over te schakelen op andere produkten, buiten de eigenlijke textiel. Ik bedoel dat sommige textielmachines zijn gaan maken en ik meen dat de plastic produktie van de Boekelose Stoomblekerij ook een succes is geweest.
Een en ander zou de vraag doen opkomen in hoeverre binnen het geheel van TNO de prioriteiten zouden moeten worden aangepast aan wat de verschillende instituten doen.
U gaarne nogmaals dankend, verblijf ik,
met vriendelijke groeten,
J. Tinbergen
-
en
February 20, 1978
Mr. Dr. H.J. Selling,
Fiber Institute TNO,
P.O. Box 110,
Delft
Your reference: D 288 Se/MK
February 9, 1978
Dear Mr. Selling,
Thank you very much for sending your lecture "The Mather Lecture 1977". As expected, I do not agree with some of the viewpoints you presented. I will return to this below. Nevertheless, it has been very useful for me to take note of your presentation.
I agree with the view that East European countries can engage in unfair competition because they set prices in such a way as to be able to export their surpluses. On the other hand, I believe that competition from low-wage countries is not unfair as long as prices there are calculated normally. That is the normal phenomenon that leads to a certain international division of labor.
That distribution costs are high generally applies to durable goods where the retailer often has to offer a large choice and where the selection process takes time. They are also high for perishable goods such as vegetables and fruit, where often part of the stock cannot be sold. This, however, does not prevent the consumer from being able to buy, for example, shirts from the Far East at significantly lower prices.
I indeed disagree with the view that industries should not be relocated. In my opinion, this is a natural phenomenon. We see it very strongly in shipbuilding, but we also see it, for example, in orders for printing work where international competition is a strong determining factor for the place where a book is printed.
In my opinion, research should also relate to where the return is greatest. I wonder, for example, to what extent the mechanization and automation of the weaving industry are as high on the priority list as a number of other possible research topics that could be expected to yield a greater return on research. You mention some yourself, e.g., research into increasing the durability of certain products and, to end with my hobbyhorse, some textile companies have solved their problems by switching to other products, outside of actual textiles. I mean that some have started making textile machines and I believe that the plastic production of the Boekelose Stoomblekerij has also been a success.
All this would raise the question of to what extent, within the whole of TNO, priorities should be adjusted to what the various institutes do.
Thanking you once again, I remain,
with kind regards,
J. Tinbergen
-
extracted text
-
20 februari 1978
Be heer Dr, H.J. Selling,
Veselinstituut THO,
Uw kemerk: i 2 ^ Se/m
9 februari 1978
Postbus tlD,
Delft
Zeer geachte Heer Selling,
Voor de toesending van üw lezing "The Hather Lecture 1977" dank ik U
secr. ZoclD verondersteld ben ik het met sommige van de door IJ weergegeven
standpunten niet eens. Ik köm daarop hieronder nog terug, Hiettemin is het
voor mij sjeer nuttig geweest van Dw uiteensetting kennis te nemen.
Ik ben het eens met de opvatting dat Oost-Suropese landen oneerlijke
concurrentie kunnen plegen omdat zij de prijzen zó stellen om hun overschotten
te kunnen exporteren. Daartegenover meen ik dat de concxirrentie van landen
met lage lonen niet oneerlijk is voor zover de prijzen daar normaal berekend
worden. Dat is het normale verschijnsel dat tot een zekere internationale er~
beidsverüeling leidt.
Bat de distributiekosten hoog zijn geldt in het algemeen voor duurzame
goederen waarbij de detaillist vaak een grote keuze moet bieden en waarbij het
keuzeproces tijd kost. Ze zijn ook hoog voor bederfelijke goederen zoals
groente en fruit, waarbij vaak een deel van de voorraad niet kan worden verkocht.
Een en ander belet echter niet dat de consument voor aanmerkelijk lagere prijzen
b.v, overhemden uit het Yerre Oosten ksia kopen.
Oneens ben ik het inderdaad met de opvatting dat industrieën niet verplaatst zouden moeten worden, i>it is m.i, een natuurlijk verschijnsel, 'sJie zien
het bij de scheepsbouw heel sterk, maor we zien het b.v, ook bij de opdrachten
voor drukwerk waar de internationale concurrentie sterk medebepalend is voor de
plaats wapx een boek gedrukt wordt.
Ook voor research geldt ra.i. dat deze daarop betrekking noet hebben
waarvoor het rendement het grootst is. Ik vratig me b,v. ixf in hoeverre de
aechanisatie en automatie van de weefindustrie wel zo hoog op de prioriteitenlijst staan als een aantal andere mogelijke researohonderwerpen die een groter
rendeiaent van de research zouden kunnen d<^n verwachten, U noeat er zelf enige,
b.v, de research tot veriioging van de duurzaamheid van bepaalde produkten en,
om te eindigen net mijn stokpaardje, soimnige textielbedrijven hebben hxm pro-
6rer
;ynXa.-' -ir,
.• A.3,
fA
ii
3{Mft <it\
««««
3fu.it)" ."It
tpwiifc
3 TdxïT
^^W
«L
^
^
4
^^#«IB
III
èa ni»ftl'Wi 9ê Hm
fl^T
f
'«^W-
aÉI%Jiir < 6
o« i ^
fll
c«twèx8>d
«i«i:
'^'Wi's
4Mr M ü Mü
•«H MHHiü[ 1ÊÊ.
^#P
* M <^.
^^MtflW»~»T¥tf N i l
•1
Êêmêtl^
iIO>
aToO
TWMi
l£
«
« ^
Sc
••»«.
- • « # «o
20 februari 1978
De heer Di. H.J. Selling
- 2 blemen opgelost door over te schakelen op andere produkten, buiten de
eigenlijke teztiel. Ik bedoel dat soimiiige textielmachines zijn gaan
maken on ik meen dat de plastic produktie van de Boekelose Stoomblekerij
ook een succes is gev/eest.
Üen en ander sou de vraag doen opkomen in hoeverre binnen het
geheei van TNO do prèoriteiten zouden Hoeten worden aangepast aan wat
de verschillende instituten doen.
ü gaarne nogmaals dankend, verblijf ik.
met vriendelijke groeten,
J. Tinbergen
u
rasv ^
t e - i JMWrtlff a ^ ' g W é p ï i
fii
O'SKylf lM9WStB
wff, llofwi^lar #<w
'gy-Sfei
i
^"j"j •<»»
-
20 februari 1978
Be heer Dr, H.J. Selling,
Veselinstituut THO,
Uw kemerk: i 2 ^ Se/m
9 februari 1978
Postbus tlD,
Delft
Zeer geachte Heer Selling,
Voor de toesending van üw lezing "The Hather Lecture 1977" dank ik U
secr. ZoclD verondersteld ben ik het met sommige van de door IJ weergegeven
standpunten niet eens. Ik köm daarop hieronder nog terug, Hiettemin is het
voor mij sjeer nuttig geweest van Dw uiteensetting kennis te nemen.
Ik ben het eens met de opvatting dat Oost-Suropese landen oneerlijke
concurrentie kunnen plegen omdat zij de prijzen zó stellen om hun overschotten
te kunnen exporteren. Daartegenover meen ik dat de concxirrentie van landen
met lage lonen niet oneerlijk is voor zover de prijzen daar normaal berekend
worden. Dat is het normale verschijnsel dat tot een zekere internationale er~
beidsverüeling leidt.
Bat de distributiekosten hoog zijn geldt in het algemeen voor duurzame
goederen waarbij de detaillist vaak een grote keuze moet bieden en waarbij het
keuzeproces tijd kost. Ze zijn ook hoog voor bederfelijke goederen zoals
groente en fruit, waarbij vaak een deel van de voorraad niet kan worden verkocht.
Een en ander belet echter niet dat de consument voor aanmerkelijk lagere prijzen
b.v, overhemden uit het Yerre Oosten ksia kopen.
Oneens ben ik het inderdaad met de opvatting dat industrieën niet verplaatst zouden moeten worden, i>it is m.i, een natuurlijk verschijnsel, 'sJie zien
het bij de scheepsbouw heel sterk, maor we zien het b.v, ook bij de opdrachten
voor drukwerk waar de internationale concurrentie sterk medebepalend is voor de
plaats wapx een boek gedrukt wordt.
Ook voor research geldt ra.i. dat deze daarop betrekking noet hebben
waarvoor het rendement het grootst is. Ik vratig me b,v. ixf in hoeverre de
aechanisatie en automatie van de weefindustrie wel zo hoog op de prioriteitenlijst staan als een aantal andere mogelijke researohonderwerpen die een groter
rendeiaent van de research zouden kunnen d<^n verwachten, U noeat er zelf enige,
b.v, de research tot veriioging van de duurzaamheid van bepaalde produkten en,
om te eindigen net mijn stokpaardje, soimnige textielbedrijven hebben hxm pro-
6rer
;ynXa.-' -ir,
.• A.3,
fA
ii
3{Mft <it\
««««
3fu.it)" ."It
tpwiifc
3 TdxïT
^^W
«L
^
^
4
^^#«IB
III
èa ni»ftl'Wi 9ê Hm
fl^T
f
'«^W-
aÉI%Jiir < 6
o« i ^
fll
c«twèx8>d
«i«i:
'^'Wi's
4Mr M ü Mü
•«H MHHiü[ 1ÊÊ.
^#P
* M <^.
^^MtflW»~»T¥tf N i l
•1
Êêmêtl^
iIO>
aToO
TWMi
l£
«
« ^
Sc
••»«.
- • « # «o
20 februari 1978
De heer Di. H.J. Selling
- 2 blemen opgelost door over te schakelen op andere produkten, buiten de
eigenlijke teztiel. Ik bedoel dat soimiiige textielmachines zijn gaan
maken on ik meen dat de plastic produktie van de Boekelose Stoomblekerij
ook een succes is gev/eest.
Üen en ander sou de vraag doen opkomen in hoeverre binnen het
geheei van TNO do prèoriteiten zouden Hoeten worden aangepast aan wat
de verschillende instituten doen.
ü gaarne nogmaals dankend, verblijf ik.
met vriendelijke groeten,
J. Tinbergen
u
rasv ^
t e - i JMWrtlff a ^ ' g W é p ï i
fii
O'SKylf lM9WStB
wff, llofwi^lar #<w
'gy-Sfei
i
^"j"j •<»»
-
20 februari 1978
Be heer Dr, H.J. Selling,
Veselinstituut THO,
Uw kemerk: i 2 ^ Se/m
9 februari 1978
Postbus tlD,
Delft
Zeer geachte Heer Selling,
Voor de toesending van üw lezing "The Hather Lecture 1977" dank ik U
secr. ZoclD verondersteld ben ik het met sommige van de door IJ weergegeven
standpunten niet eens. Ik köm daarop hieronder nog terug, Hiettemin is het
voor mij sjeer nuttig geweest van Dw uiteensetting kennis te nemen.
Ik ben het eens met de opvatting dat Oost-Suropese landen oneerlijke
concurrentie kunnen plegen omdat zij de prijzen zó stellen om hun overschotten
te kunnen exporteren. Daartegenover meen ik dat de concxirrentie van landen
met lage lonen niet oneerlijk is voor zover de prijzen daar normaal berekend
worden. Dat is het normale verschijnsel dat tot een zekere internationale er~
beidsverüeling leidt.
Bat de distributiekosten hoog zijn geldt in het algemeen voor duurzame
goederen waarbij de detaillist vaak een grote keuze moet bieden en waarbij het
keuzeproces tijd kost. Ze zijn ook hoog voor bederfelijke goederen zoals
groente en fruit, waarbij vaak een deel van de voorraad niet kan worden verkocht.
Een en ander belet echter niet dat de consument voor aanmerkelijk lagere prijzen
b.v, overhemden uit het Yerre Oosten ksia kopen.
Oneens ben ik het inderdaad met de opvatting dat industrieën niet verplaatst zouden moeten worden, i>it is m.i, een natuurlijk verschijnsel, 'sJie zien
het bij de scheepsbouw heel sterk, maor we zien het b.v, ook bij de opdrachten
voor drukwerk waar de internationale concurrentie sterk medebepalend is voor de
plaats wapx een boek gedrukt wordt.
Ook voor research geldt ra.i. dat deze daarop betrekking noet hebben
waarvoor het rendement het grootst is. Ik vratig me b,v. ixf in hoeverre de
aechanisatie en automatie van de weefindustrie wel zo hoog op de prioriteitenlijst staan als een aantal andere mogelijke researohonderwerpen die een groter
rendeiaent van de research zouden kunnen d<^n verwachten, U noeat er zelf enige,
b.v, de research tot veriioging van de duurzaamheid van bepaalde produkten en,
om te eindigen net mijn stokpaardje, soimnige textielbedrijven hebben hxm pro-
6rer
;ynXa.-' -ir,
.• A.3,
fA
ii
3{Mft <it\
««««
3fu.it)" ."It
tpwiifc
3 TdxïT
^^W
«L
^
^
4
^^#«IB
III
èa ni»ftl'Wi 9ê Hm
fl^T
f
'«^W-
aÉI%Jiir < 6
o« i ^
fll
c«twèx8>d
«i«i:
'^'Wi's
4Mr M ü Mü
•«H MHHiü[ 1ÊÊ.
^#P
* M <^.
^^MtflW»~»T¥tf N i l
•1
Êêmêtl^
iIO>
aToO
TWMi
l£
«
« ^
Sc
••»«.
- • « # «o
20 februari 1978
De heer Di. H.J. Selling
- 2 blemen opgelost door over te schakelen op andere produkten, buiten de
eigenlijke teztiel. Ik bedoel dat soimiiige textielmachines zijn gaan
maken on ik meen dat de plastic produktie van de Boekelose Stoomblekerij
ook een succes is gev/eest.
Üen en ander sou de vraag doen opkomen in hoeverre binnen het
geheei van TNO do prèoriteiten zouden Hoeten worden aangepast aan wat
de verschillende instituten doen.
ü gaarne nogmaals dankend, verblijf ik.
met vriendelijke groeten,
J. Tinbergen
u
rasv ^
t e - i JMWrtlff a ^ ' g W é p ï i
fii
O'SKylf lM9WStB
wff, llofwi^lar #<w
'gy-Sfei
i
^"j"j •<»»
-
20 februari 1978
Be heer Dr, H.J. Selling,
Veselinstituut THO,
Uw kemerk: i 2 ^ Se/m
9 februari 1978
Postbus tlD,
Delft
Zeer geachte Heer Selling,
Voor de toesending van üw lezing "The Hather Lecture 1977" dank ik U
secr. ZoclD verondersteld ben ik het met sommige van de door IJ weergegeven
standpunten niet eens. Ik köm daarop hieronder nog terug, Hiettemin is het
voor mij sjeer nuttig geweest van Dw uiteensetting kennis te nemen.
Ik ben het eens met de opvatting dat Oost-Suropese landen oneerlijke
concurrentie kunnen plegen omdat zij de prijzen zó stellen om hun overschotten
te kunnen exporteren. Daartegenover meen ik dat de concxirrentie van landen
met lage lonen niet oneerlijk is voor zover de prijzen daar normaal berekend
worden. Dat is het normale verschijnsel dat tot een zekere internationale er~
beidsverüeling leidt.
Bat de distributiekosten hoog zijn geldt in het algemeen voor duurzame
goederen waarbij de detaillist vaak een grote keuze moet bieden en waarbij het
keuzeproces tijd kost. Ze zijn ook hoog voor bederfelijke goederen zoals
groente en fruit, waarbij vaak een deel van de voorraad niet kan worden verkocht.
Een en ander belet echter niet dat de consument voor aanmerkelijk lagere prijzen
b.v, overhemden uit het Yerre Oosten ksia kopen.
Oneens ben ik het inderdaad met de opvatting dat industrieën niet verplaatst zouden moeten worden, i>it is m.i, een natuurlijk verschijnsel, 'sJie zien
het bij de scheepsbouw heel sterk, maor we zien het b.v, ook bij de opdrachten
voor drukwerk waar de internationale concurrentie sterk medebepalend is voor de
plaats wapx een boek gedrukt wordt.
Ook voor research geldt ra.i. dat deze daarop betrekking noet hebben
waarvoor het rendement het grootst is. Ik vratig me b,v. ixf in hoeverre de
aechanisatie en automatie van de weefindustrie wel zo hoog op de prioriteitenlijst staan als een aantal andere mogelijke researohonderwerpen die een groter
rendeiaent van de research zouden kunnen d<^n verwachten, U noeat er zelf enige,
b.v, de research tot veriioging van de duurzaamheid van bepaalde produkten en,
om te eindigen net mijn stokpaardje, soimnige textielbedrijven hebben hxm pro-
6rer
;ynXa.-' -ir,
.• A.3,
fA
ii
3{Mft <it\
««««
3fu.it)" ."It
tpwiifc
3 TdxïT
^^W
«L
^
^
4
^^#«IB
III
èa ni»ftl'Wi 9ê Hm
fl^T
f
'«^W-
aÉI%Jiir < 6
o« i ^
fll
c«twèx8>d
«i«i:
'^'Wi's
4Mr M ü Mü
•«H MHHiü[ 1ÊÊ.
^#P
* M <^.
^^MtflW»~»T¥tf N i l
•1
Êêmêtl^
iIO>
aToO
TWMi
l£
«
« ^
Sc
••»«.
- • « # «o
20 februari 1978
De heer Di. H.J. Selling
- 2 blemen opgelost door over te schakelen op andere produkten, buiten de
eigenlijke teztiel. Ik bedoel dat soimiiige textielmachines zijn gaan
maken on ik meen dat de plastic produktie van de Boekelose Stoomblekerij
ook een succes is gev/eest.
Üen en ander sou de vraag doen opkomen in hoeverre binnen het
geheei van TNO do prèoriteiten zouden Hoeten worden aangepast aan wat
de verschillende instituten doen.
ü gaarne nogmaals dankend, verblijf ik.
met vriendelijke groeten,
J. Tinbergen
u
rasv ^
t e - i JMWrtlff a ^ ' g W é p ï i
fii
O'SKylf lM9WStB
wff, llofwi^lar #<w
'gy-Sfei
i
^"j"j •<»»
-
20 februari 1978
Be heer Dr, H.J. Selling,
Veselinstituut THO,
Uw kemerk: i 2 ^ Se/m
9 februari 1978
Postbus tlD,
Delft
Zeer geachte Heer Selling,
Voor de toesending van üw lezing "The Hather Lecture 1977" dank ik U
secr. ZoclD verondersteld ben ik het met sommige van de door IJ weergegeven
standpunten niet eens. Ik köm daarop hieronder nog terug, Hiettemin is het
voor mij sjeer nuttig geweest van Dw uiteensetting kennis te nemen.
Ik ben het eens met de opvatting dat Oost-Suropese landen oneerlijke
concurrentie kunnen plegen omdat zij de prijzen zó stellen om hun overschotten
te kunnen exporteren. Daartegenover meen ik dat de concxirrentie van landen
met lage lonen niet oneerlijk is voor zover de prijzen daar normaal berekend
worden. Dat is het normale verschijnsel dat tot een zekere internationale er~
beidsverüeling leidt.
Bat de distributiekosten hoog zijn geldt in het algemeen voor duurzame
goederen waarbij de detaillist vaak een grote keuze moet bieden en waarbij het
keuzeproces tijd kost. Ze zijn ook hoog voor bederfelijke goederen zoals
groente en fruit, waarbij vaak een deel van de voorraad niet kan worden verkocht.
Een en ander belet echter niet dat de consument voor aanmerkelijk lagere prijzen
b.v, overhemden uit het Yerre Oosten ksia kopen.
Oneens ben ik het inderdaad met de opvatting dat industrieën niet verplaatst zouden moeten worden, i>it is m.i, een natuurlijk verschijnsel, 'sJie zien
het bij de scheepsbouw heel sterk, maor we zien het b.v, ook bij de opdrachten
voor drukwerk waar de internationale concurrentie sterk medebepalend is voor de
plaats wapx een boek gedrukt wordt.
Ook voor research geldt ra.i. dat deze daarop betrekking noet hebben
waarvoor het rendement het grootst is. Ik vratig me b,v. ixf in hoeverre de
aechanisatie en automatie van de weefindustrie wel zo hoog op de prioriteitenlijst staan als een aantal andere mogelijke researohonderwerpen die een groter
rendeiaent van de research zouden kunnen d<^n verwachten, U noeat er zelf enige,
b.v, de research tot veriioging van de duurzaamheid van bepaalde produkten en,
om te eindigen net mijn stokpaardje, soimnige textielbedrijven hebben hxm pro-
6rer
;ynXa.-' -ir,
.• A.3,
fA
ii
3{Mft <it\
««««
3fu.it)" ."It
tpwiifc
3 TdxïT
^^W
«L
^
^
4
^^#«IB
III
èa ni»ftl'Wi 9ê Hm
fl^T
f
'«^W-
aÉI%Jiir < 6
o« i ^
fll
c«twèx8>d
«i«i:
'^'Wi's
4Mr M ü Mü
•«H MHHiü[ 1ÊÊ.
^#P
* M <^.
^^MtflW»~»T¥tf N i l
•1
Êêmêtl^
iIO>
aToO
TWMi
l£
«
« ^
Sc
••»«.
- • « # «o
20 februari 1978
De heer Di. H.J. Selling
- 2 blemen opgelost door over te schakelen op andere produkten, buiten de
eigenlijke teztiel. Ik bedoel dat soimiiige textielmachines zijn gaan
maken on ik meen dat de plastic produktie van de Boekelose Stoomblekerij
ook een succes is gev/eest.
Üen en ander sou de vraag doen opkomen in hoeverre binnen het
geheei van TNO do prèoriteiten zouden Hoeten worden aangepast aan wat
de verschillende instituten doen.
ü gaarne nogmaals dankend, verblijf ik.
met vriendelijke groeten,
J. Tinbergen
u
rasv ^
t e - i JMWrtlff a ^ ' g W é p ï i
fii
O'SKylf lM9WStB
wff, llofwi^lar #<w
'gy-Sfei
i
^"j"j •<»»
-
20 februari 1978
Be heer Dr, H.J. Selling,
Veselinstituut THO,
Uw kemerk: i 2 ^ Se/m
9 februari 1978
Postbus tlD,
Delft
Zeer geachte Heer Selling,
Voor de toesending van üw lezing "The Hather Lecture 1977" dank ik U
secr. ZoclD verondersteld ben ik het met sommige van de door IJ weergegeven
standpunten niet eens. Ik köm daarop hieronder nog terug, Hiettemin is het
voor mij sjeer nuttig geweest van Dw uiteensetting kennis te nemen.
Ik ben het eens met de opvatting dat Oost-Suropese landen oneerlijke
concurrentie kunnen plegen omdat zij de prijzen zó stellen om hun overschotten
te kunnen exporteren. Daartegenover meen ik dat de concxirrentie van landen
met lage lonen niet oneerlijk is voor zover de prijzen daar normaal berekend
worden. Dat is het normale verschijnsel dat tot een zekere internationale er~
beidsverüeling leidt.
Bat de distributiekosten hoog zijn geldt in het algemeen voor duurzame
goederen waarbij de detaillist vaak een grote keuze moet bieden en waarbij het
keuzeproces tijd kost. Ze zijn ook hoog voor bederfelijke goederen zoals
groente en fruit, waarbij vaak een deel van de voorraad niet kan worden verkocht.
Een en ander belet echter niet dat de consument voor aanmerkelijk lagere prijzen
b.v, overhemden uit het Yerre Oosten ksia kopen.
Oneens ben ik het inderdaad met de opvatting dat industrieën niet verplaatst zouden moeten worden, i>it is m.i, een natuurlijk verschijnsel, 'sJie zien
het bij de scheepsbouw heel sterk, maor we zien het b.v, ook bij de opdrachten
voor drukwerk waar de internationale concurrentie sterk medebepalend is voor de
plaats wapx een boek gedrukt wordt.
Ook voor research geldt ra.i. dat deze daarop betrekking noet hebben
waarvoor het rendement het grootst is. Ik vratig me b,v. ixf in hoeverre de
aechanisatie en automatie van de weefindustrie wel zo hoog op de prioriteitenlijst staan als een aantal andere mogelijke researohonderwerpen die een groter
rendeiaent van de research zouden kunnen d<^n verwachten, U noeat er zelf enige,
b.v, de research tot veriioging van de duurzaamheid van bepaalde produkten en,
om te eindigen net mijn stokpaardje, soimnige textielbedrijven hebben hxm pro-
6rer
;ynXa.-' -ir,
.• A.3,
fA
ii
3{Mft <it\
««««
3fu.it)" ."It
tpwiifc
3 TdxïT
^^W
«L
^
^
4
^^#«IB
III
èa ni»ftl'Wi 9ê Hm
fl^T
f
'«^W-
aÉI%Jiir < 6
o« i ^
fll
c«twèx8>d
«i«i:
'^'Wi's
4Mr M ü Mü
•«H MHHiü[ 1ÊÊ.
^#P
* M <^.
^^MtflW»~»T¥tf N i l
•1
Êêmêtl^
iIO>
aToO
TWMi
l£
«
« ^
Sc
••»«.
- • « # «o
20 februari 1978
De heer Di. H.J. Selling
- 2 blemen opgelost door over te schakelen op andere produkten, buiten de
eigenlijke teztiel. Ik bedoel dat soimiiige textielmachines zijn gaan
maken on ik meen dat de plastic produktie van de Boekelose Stoomblekerij
ook een succes is gev/eest.
Üen en ander sou de vraag doen opkomen in hoeverre binnen het
geheei van TNO do prèoriteiten zouden Hoeten worden aangepast aan wat
de verschillende instituten doen.
ü gaarne nogmaals dankend, verblijf ik.
met vriendelijke groeten,
J. Tinbergen
u
rasv ^
t e - i JMWrtlff a ^ ' g W é p ï i
fii
O'SKylf lM9WStB
wff, llofwi^lar #<w
'gy-Sfei
i
^"j"j •<»»