-
Title
-
Letter to A. Heertje
-
Description
-
From the folder 'Opt. reg. welfare econ. General'
-
Date
-
1965
-
Date in document
-
yes
-
Formulas or calculations
-
no
-
Inventory number
-
NL-RtEUR_TBCOR_B.5.16-8
-
63
-
Storage location
-
Specifiek Magazijn
-
Filename
-
CDM63_NL-RtEUR_TBCOR_B.5.16-8.pdf
-
Provenance
-
Jan Tinbergen
-
Accrual Method
-
donation
-
Rights
-
-
Revised transcript
-
ne
16 november 1965
De heer Prof. Dr. A. Heertje,
Van Tienhovenlaan 17,
Naarden.
Waarde Collega Heertje,
Uw bespreking van mijn lezing voor de Academie in de Groene heeft mij levendig geïnteresseerd. Zoals U echter wel begrijpen zult, kan ik het er niet mee eens zijn. Ik zou het op prijs stellen als U mij iets nader zoudt willen uiteenzetten waar U meent dat ik mijn persoonlijk waarde-oordeel heb geïntroduceerd en waar, naar Uw mening, de "verwarring" tussen politiek en economische wetenschap te vinden is. Het komt mij voor dat de welvaartstheorie zelf als onderwerp heeft de economische politiek en niet wat ik meestal aangeef als het analytische vraagstuk (zie mijn "Economic Policy: Principles and Design). Uiteraard heb ik wel aangenomen dat er een welvaartsfunctie kan worden gevonden en ik heb inderdaad verschillende hypotheses gemaakt die niet meer dan hypotheses zijn. Dit echter lijkt mij een aanvaardbare wetenschappelijke methode.
Uit het bovenstaande zult U wellicht begrijpen welke punten in Uw opvatting mij speciaal interesseren. Bij voorbaat dankend voor de moeite die U zoudt willen nemen, ben ik,
met collegiale groeten,
J. Tinbergen.
-
en
November 16, 1965
Mr. Prof. Dr. A. Heertje,
Van Tienhovenlaan 17,
Naarden.
Dear Colleague Heertje,
Your discussion of my lecture for the Academy in de Groene has interested me greatly. As you will understand, however, I cannot agree with it. I would appreciate it if you would explain to me in more detail where you believe I have introduced my personal value judgment and where, in your opinion, the "confusion" between politics and economic science is to be found. It seems to me that welfare theory itself has economic policy as its subject and not what I usually indicate as the analytical problem (see my "Economic Policy: Principles and Design"). Naturally, I have assumed that a welfare function can be found and I have indeed made various hypotheses that are no more than hypotheses. This, however, seems to me to be an acceptable scientific method.
From the above you will perhaps understand which points in your view especially interest me. Thanking you in advance for the effort you would be willing to take, I am,
with collegial greetings,
J. Tinbergen.