CDM8360_NL-RtEUR_TBCOR01_021C013.pdf
- extracted text
-
PROF, D E J, TINHSRGEII
DBN HAAG, 21 Juni 195U
Raamweg 18
Ih
De Heer Albert Coppé,
De Hoge Autoriteit van de
Europese Kolen en Staal Geaeeriseïiapf
Place de % t 2 » 2»
LuxetabuTfi^ ^ ^^ ^ ^ ,_ ^ ^^ ^ _ ^^
^,, , ..
Zeer geachte Heer Coppê,
Tijdens onae laatste bijeenkomst van de Canmisaie
Marktontvv'lkkeling bespraken wij het grote belang dat de
KKSG heeft enerzijds bij een snelle algenene economische
ontwikkeling en in de tweede plaats bij een verdere intes^atic
van Suropa, van vjelke laatste aangenomen raag worden dat
5Bij ook de ontwikkeling zal bevorderen. ïk segde toen toe
ü raijn persoonli "ke opvattingen over deze aangelegenheid
nog schriftelijk te fortmileren en zou daarover gaarne het
volgende opnerken*
D e EKSG heeft niet slechts belan?? b i j een voorspoedige ontwikkeling van Buropa, doch evenzeer van een zodanige
ontwikkeling buiten Europa, Voor bei^e rteldt dat aij b e vorderd kan worden door het bevorderen van investeringen
in het alg^neen, Zoals w i j reeds vroerer hebben besproken
is het juist de moeilijkheid vtm de GeraeenBChap, dat slj
op de vraag naar haar producten aself 20 weinig invloed
k-^n oefenen. De sleutel tot de situatie ligt naar raijn
idee veeleer in de financiële hoeki de bedragen die ter
beschikking gesteld worden voor investeringen^ sowel in
als btiiten Europa, zijn bepalend voor het tempo van de
ontwikkeling indLe gebieden, In het huidige ti jdsgewrioht
wil dat in het bijzonder aseggen, dat de bedragen beschikbaar gesteld Vüor publieke investeringen van belang r.ijn.
De particuliere investeringen, m , n , in de onderontwikkelde
gebieden» zijn veel minder belangrijk geworden in vakband
met de politieke zelfstandigheid -^mn een groot aantal
dezer gebieden en in verband met let algemene feit dat
in dese geöieden allereerst behoefte is aan fundaKientele
investeringen (wegen, energiebedrijven, woningen, scholing
van de arbeiders) welke moeilijk door particulieren kunnen
worden gefinancierd. Ik zie er daarom voor de BKSG een
belang in, dat de activiteit van de Wereldbank alsmede
van het nieuw op te richten SÜNPSD krachtig wordt voortgezet respectievelijk aangepakt.
«
, crn??!T
4''i.
8^ 5
,s*«6i
.«ÜbÉÉlH
«èqqC'
4.3.*--:^ <
w &ii(tv.'.
--^ 9fi9!fB t ' i p i t * ^ ctft.i««xoe
'wiimS
. •> v t r ^ .-.f^.^.fq 0..-^,-.
...^ ...-
,---
O
V
llf
^
•i'ï'Jtftt
!(iiilXda{ifl«rl'ao
- o n q "jfiöif 'S-'
fofa©
-
. a»-.i V
Jb«K»r^'-j,-..1.1*1. -
'ÜG te&' £È1 «i
Kt».i
i
fü' i^ttr! ^lm fuvuSnw ai
,:; ^ J . ^ V' CJ J . . ; ^'
c
•2-
Ook ten aan25ien van de integratie van Europa meen
ik dat een strategisch "belang gelegen is in het verder
Ijevorderen van de publieke investeringen, in dit geval
in het bijssonder van investeringen in Italië, waarvan
het Zuidelijke gedeelte de zwakke plek is in onze WestEuropese samenleving. Het zou zich laten denken dat door
een krachtig initiatief tot l3i;)Btand aan ItallS voor de
ontwikkeling van 3uid-Italië een verdere stiimilans zou
worden gegeven aan de "bereidheid van Italië om de integratie ook op andere terreinen voort te zetten.
Het een zovsel als het andere is niet uitsluitend
een kwestie van economische maar in belan .rijke mate ook
van internationale politiek. Een internationale politiek
die voor de problemen der onderontwikkelde landen een
open oog heeft en 'bereid is naar het voorbeeld van het
Marshal-plan zekere offers te brengen, is m.i. hetgeen
waaraan wij behoefte hebben. Ik heb tijdens ons laatste
onderhoud begrepen dat ü hierover ten dele anders denlct|
ik meende niettemin goed te doen ü mijn gedachten kort
geformuleerd te doen toekomen.
Met de meeste hoogachting.
(J, Tinbergen)
-s-
l£5V9?i $lb
i^aii
at
rtooft'
oJCelliiBQ
iml ii»JNi mm itM
$mm
"X mm Si
'7»cr »& r
S*m>-A £19:
.«9mOii3;
Mi sd
difff »^)
«lalvvln»
Part of Letter to A. Coppé