CDM6393_NL-RtEUR_TBCOR01_018G015.pdf
- extracted text
-
PROF. DR J . TiriBBRGEH
DEN HAAG, 28 F e b r u a r i 1953
Sijzenlaan k^
Prof. Dr Ir J Gpudriaan Jr
Hotel Irene,
Petroria .
Waar'de Goudriaan,
Nog Steeds ben ik je antwoord schuldig op je
•brief van 16 Januari. Voor de vertraging hied ik je gaarne
mijn verontschuldigingen aan. Die is gelegen in het feit
dat ik met Witteveen wilde overleggen en deze door allerlei toevalligheden geruime tijd niet ontmoette. Verdoorn
is hovendien sinds Januari in de Verenigde Staten, zodat ik
ook hem niet kon raadplegen. Tenslotte is de hoofdzaak, dat
ik ook nu nog niemand heb kunnen vinden, die op zich zou
ktmnen nemen om je werk te paraphraseren.
Maor laat ik je vragen naar volgorde beantwoorden.
1. Op de eerste vraag zul je het antwoord, nl. de afleverinp'
van Socialisme en Democratie, hebben ontvangen, waarin mijn"
overigens onbelangrijke bijdrage. Ofschoon het onderwerp mij
interesseert en van tijd tot tijd bezig houdt, voel ik mij buiten staat iets nieuv/s er over te zeggen.
2. Ongetwijfeld voelen wij er voor dat de bijdrage in onze
serie van de Noord-IIollandse Uitgevers Maatschappij over je
werk door een derde zou worden geschreven. Maar, zoals ik je
al even zei, de moeilijkheid is deze derde te vinden. Wij
gaan intussen voort met zoeken. Je begrijpt wel dat de goede
krachten meestal graag eigen dingen schrijven en ook bezet
zijn, terwijl een mid elmatige kracht voor dit werk niet in
aanmerking komt.
3. Mij zou het spijten v/anneer je een artikel van ongeveer 15
bladzijden in Econometrica niet zou willen schrijven. Natuurlijk
kan je ze vragen eerst een recentie te publiceren. Da ;r lijkt
mij niets tegen. Maar v/ie kan nu beter dan de man zelf in het
kort samenvatten in welk opzicht zijn theorie afwijkt van de
gangbare en wat de voornaamste negatieve en positieve gevolgen daarvan zijn^ M. i. zou het ongeveer langs de volgende
lin moeten gaan, maar ik laat deze opmerkingen natuurlijk voor
Goudriaan voert het begrip van de onbepaalde grootheden in, nader toe te lichten, waardoor volgens hem in de
door de econometristen gelanceerd? modellen bepaalde
relaties uitvallen. Dit betekent dat er meer vrijheidsgraden
zijn dan door de econometristen wordt aangenomen. Met name
betekent het dat de conjunctuurbevreging door een aantal
in wezen onbepaalde factoren wordt beheerst. Slechts indien
men aanneemt dat het prijsniveau van de grondstoffen gegeven is, volgt daaruit de stand van de conjunctuur. Tot nu
toe werd dit prijsniveau van grondsoffen door een aantal van d
de meest willek urige factoren bepaald (voorbeelden). De
gevolgen voor h.-t conjunctuuronderzoek en de conjunctuurpolltiek zijn zeer oelangrijk. Een deel van het conjunctuuronderzoek wordt zinloos (aan ttas geven welke relaties zinloos
en welke relaties zinvol zijn i^ ook uit de marktanalyse).
voor de conjunctuurtherapie komt het vooiaL aan op het
vastleggen van de grondstof f enprijzen. Pleidooi voor de
grondstoffenvaluta. Op te merken dat het voorstel zo weinig
"bespreking heeft gevonden, en dat de tegenargumenten in de
schaarse hesprèkingen niet moeilijk te ontzenuvren zijn. Wellicht nog ingaan op de pdlitieke en institutionele factoren,
die achter de geringe belangstelling in kringen van centrale hanken voor de grondstoffenvaluta moeten worden g&r
zocht.
Ziedaar wat naar mijn smaak de hoofdinhoud zou
kunnen zijn, waarhij ik getracht héb mij zo goed mogelijk
op jouw standpunt te plaatseru Sen artikel van 13 pagina's
in deze trant en aanknopend hij de stand van kennis van de
econometrische lezer zou mij zeer waardevpl lijken.
Met vriendelijke groeten.
Part of Letter to J. Goudriaan